Taakdelegatie volledige prothese tandarts/tandtechnicus

1. Inleiding

De relatie tandarts/tandtechnicus is in de loop der jaren geŽvolueerd. Veelal is er thans sprake van een vaste samenwerkingsrelatie met een onderlinge taakverdeling gericht op een maximaal behandelingsresultaat bij de patiŽnt die tandheelkundige zorg behoeft. Die ontwikkeling heeft ook haar weerslag gevonden in de praktijkrichtlijn samenwerking tandarts/tandtechnicus van de NMT.

Ook voor de toekomst geeft de praktijkrichtlijn ten principale deze samenwerkingsrelatie juist weer: de tandarts bepaalt vanuit zijn of haar academisch-medische opleiding het beleid ten aanzien van de behandeling van de patiŽnt. De tandtechnicus is de tandarts behulpzaam bij de adequate uitvoering daarvan.

Naarmate het deskundigheidsniveau van de tandtechnicus hoger is en de intensiteit van de samenwerkingsrelatie toeneemt, kan de tandarts meer taken delegeren aan de tandtechnicus. Dit kan uitmonden in een situatie waarin de tandtechnicus een nog slechts op hoofdlijnen uitgestippeld beleid van de tandarts uitvoert. Hier en daar in den lande gebeurt dit reeds. Dit leidt tot de behoefte om enige uitgangspunten vast te stellen voor deze vorm van samenwerking bij de vervaardiging van de volledige prothese, die in het vervolg Ďtaakdelegatieí wordt genoemd.

2. Eindverantwoordelijkheid

Steeds blijft bij taakdelegatie voorop staan dat de tandarts de diagnose stelt en de eindeverantwoordelijkheid draagt tegenover de patiŽnt voor het behandelplan en het daarmee bereikte resultaat.

Waar de tandarts derhalve de primaire en eindverantwoordelijkheid voor de volledige prothese ten opzichte van de patiŽnt draagt, is het aan hem/haar om te bepalen welke delen van het behandelplan de tandtechnicus in het kader van taakdelegatie zelfstandig bij de patiŽnt mag uitvoeren. Dit kan het gehele of een deel van het vervaardigingsproces zijn. In ieder geval stelt de tandarts de indicatie en verricht de eindcontrole op het door de tandtechnicus geheel zelfstandig vervaardigde product.

Het gaat hierbij overigens om situaties waarbij zowel de patiŽnt, de tandarts als de tandtechnicus zich welbevinden.

3. Extra eisen

Van de tandarts mag worden verwacht dat hij/zij, alvorens ťťn of meer delen van zijn/haar behandelplan uit te besteden, zich ervan vergewist heeft dat het betrokken tandtechnisch laboratorium aan eisen van bekwaamheid en aan kwalitatieve

randvoorwaarden voldoet. Daaronder uitdrukkelijk het voldoen aan eisen volgens de Europese richtlijn medische hulpmiddelen.

Van de tandtechnisch laboratoriumhouder wordt verlangd dat uitsluitend daartoe gekwalificeerde tandtechnici zich met de te delegeren patiŽntgebonden handelingen zullen bezig houden.

Voorts worden aan een tandtechnisch laboratorium in dit verband extra eisen qua outillage gesteld, zoals met betrekking tot:

- een aparte ontvangstruimte voor patiŽnten;

- een aparte behandelruimte met patiŽntenstoel en adequate verlichting;

- het benodigde instrumentarium voor het vervaardigen van een volledige gebitsprothese;

- adequate voorziening voor de hygiŽne conform de code tandtechniek c.q. de

richtlijnen van de Werkgroep Infectie Preventie (W.I.P.)

4. Communicatie

Naast de tandtechnische vaardigheid vereist de communicatieve vaardigheid

bijzondere aandacht. Dit geldt in het bijzonder voor de communicatie tussen tandarts

en tandtechnicus en tussen patiŽnten.

In dat kader is de patiŽntenvoorlichting een apart aandachtspunt. Het is in dezen

uitdrukkelijk niet de bedoeling dat de tandtechnicus als het ware op de stoel van de

tandarts gaat zitten. De tandtechnicus dient zich derhalve te beperken tot het geven

van algemene informatie. Het verstrekken van specifieke op een patiŽnt gerichte

informatie is voorbehouden aan de tandarts.

5. Te delegeren taken

In beginsel kan de tandarts, wanneer aan de gestelde eisen wordt voldaan, de volgende taken/handelingen aan de tandtechnicus delegeren:.

- alginaat afdrukken maken, boven en onder;

- definitieve afdruk met randopbouw en a-zone maken;

- beet registreren plus uitzoeken tandenvorm en kleur;

- passen in was plus uitvoeren eventuele kleine correcties;

- eventueel tweede pas uitvoeren;

- plaatsing en controle plus geven van instructie voor juist gebruik en onderhoud

van de prothese.

Het bovenstaande geldt zowel voor het vervaardigen van een nieuwe prothese, als voor rebasen/relinen of het repareren van een bestaande prothese.

De tandarts zal per geval moeten beslissen of hij/zij al deze taken/handelingen delegeert, dan wel slechts enkele daarvan. De opdracht daartoe zal steeds schriftelijk aan de tandtechnicus worden verstrekt, vergezeld van de benodigde informatie, zoals het anamneseformulier en/of fotoís.

De tandtechnicus zal alleen opdrachten aanvaarden waarvan hij/zij redelijkerwijs mag aannemen dat hij/zij beschikt over de bekwaamheid die vereist is voor het adequaat uitvoeren daarvan.

6. Verwijzing

Indien een patiŽnt zich direct bij een tandtechnisch laboratorium aandient, zal deze worden verwezen naar een tandarts waarmee het betreffende laboratorium een samenwerkingsrelatie heeft. Behandeling van een patiŽnt zal slechts dan plaatsvinden wanneer de indicatie door een tandarts is gesteld en daartoe schriftelijk aan het desbetreffende laboratorium opdracht is verleend.

7. Declareren

Het declareren geschiedt door de tandarts, waarbij in onderling overleg nadere afspraken worden gemaakt tussen tandarts en tandtechnicus. Daarbij wordt tevens rekening gehouden met de extra tijd en inspanning die noodzakelijk is voor de opgemelde adequate communicatie die taakdelegatie ten principale met zich brengt